Regio Utrecht pleit voor een holistische aanpak in het Klimaatakkoord

Gelukkig was de zaal in Utrecht groot genoeg voor de toeloop van mensen met vragen, opmerkingen en ideeën over het te bereiken Klimaatakkoord. Daarom werd de pauze overgeslagen, konden mensen ook vragen stellen via hun smartphone, liep de avond enigszins uit, en bleven Ed Nijpels, Diederik Samsom en gedeputeerde Pim van den Berg nadien nog een uur beschikbaar om persoonlijk vragen te beantwoorden en visitekaartjes uit te wisselen. Er was een duidelijke trend waar te nemen: de mensen uit de regio Utrecht riepen massaal op om naar het grotere geheel te kijken en niet alleen ‘op CO2-tonnenjacht’ te zijn.

Regiobijeenkomst Utrecht

Zoals tot nu toe elke avond laat een afgevaardigde van NederWind zich horen. NederWind pleit voor wind op zee en strijdt tegen wind op land. En elke avond volgt hetzelfde antwoord van Ed Nijpels, voorzitter van het Klimaatberaad: “We kunnen geen enkele vorm van hernieuwbare energie uitsluiten. Met alleen wind op zee redden we het niet.” Een heikel punt blijkt elke avond de zonnepanelen op landbouwgrond en in natuurgebieden. ‘Waarom leggen we niet eerst alle daken vol’ is een vraag vanuit de zaal. Diederik Samsom, voorzitter van de sectortafel Gebouwde omgeving, legt het uit: “We hebben 600 vierkante kilometer nodig om energie op te wekken met zonnepanelen. We hebben in Nederland 400 km2 geschikte daken. Dus we komen nog 200 km2 te kort. Daarvoor moeten we de ruimtelijke inpassing goed kiezen, bijvoorbeeld langs wegen. Natuur en landbouwgrond zijn daarvoor niet nodig.”

Levensloopbestendige woningen

Een dame in de zaal staat voor een andere kijk op wonen en ruimtegebruik. “Er wordt nog te weinig gekeken naar het samen delen en het langer gebruiken van ruimtes door bijvoorbeeld zorg en wonen te combineren en duurzame levensloophuizen te bouwen. Nu wordt intensief ruimtegebruik zelfs belast.” Diederik Samsom geeft toe dat de focus aan de sectortafel Gebouwde omgeving eerst anders lag: “Door een aantal partijen aan tafel is ingebracht om hier serieus naar te kijken. Het ligt eigenlijk buiten de opdracht van de regering, maar het is wel belangrijk dat hiernaar gekeken wordt. Bedankt voor het aanbrengen van deze accentverschuiving.”

Ontwikkelingslanden

“Hoe betrekken we ontwikkelingslanden bij de transitie naar minder CO2-uitstoot?” is een volgende vraag uit de zaal. “Het klimaatprobleem is een probleem van ons allemaal. Dat is niet aan grenzen gebonden.” Ed Nijpels legt uit dat dat geregeld is in het Akkoord van Parijs: “Er is een internationaal fonds voor ontwikkelingslanden en daarin heeft Nederland een bijdrage gestort.” Maar dat alleen is niet voldoende: “Het is een aspect dat nauwelijks wordt meegenomen,” geeft Diederik Samsom toe. “We hebben veel zeldzame metalen nodig voor de techniek. Daarvoor zijn we deels afhankelijk van de landen in het zuiden.” Pim van de Berg, gedeputeerde bij de provincie Utrecht, vult aan: “We moeten nadenken over de totale cyclus van alles wat we doen en ons denken daarin scherpen.”

Techniek

Op het gebied van techniek is er nog een ander tekort: voldoende personeel. “We hebben meer jongeren nodig die techniek gaan doen,” geeft iemand uit het onderwijs aan. “Wat zijn de onderwijsprogramma’s die hiervoor nodig zijn? En hoe lossen we het lerarentekort op?” Ed Nijpels beaamt dat er een gebrek aan arbeidskrachten is. “Naast de sectortafels zijn er twee taakgroepen. Eén ervan is de taakgroep ‘Arbeidsmarkt en scholing’. Die houdt zich hiermee bezig.”

Maak het tastbaar

“Het probleem is dat je CO2 niet kunt zien, ruiken of voelen,” merkt een ander in de zaal op. “Daardoor speekt het onderwerp nauwelijks aan.” Vanuit de zaal komen verschillende suggesties om het onderwerp tastbaarder te maken. Een populair instrument is het ‘carbon-budget’, waarmee iedereen een beperkte hoeveelheid CO2 mag uitstoten, dat wordt bijgehouden in een app (zie filmpje op YouTube). Diederik Samsom: “Het concept is fantastisch, maar praktisch is het erg lastig. Het leven van de meeste mensen is al complex genoeg.” Toch zijn er meer mensen die het CO2-reduceren graag tastbaarder en plezieriger willen maken. “Ik ben vader van vier sportieve zoons. Ik bied me aan om er een competitief en sportief element in te brengen, bijvoorbeeld met een scoreboard. Zeker bij kinderen slaat dat aan. Het zorgt ervoor dat je én leert én er plezier in hebt.”