Zuivelfabrikant is 'getrouwd' met leverancier van bio-energie

Tussen het blik babymelk of pak vruchtenkwark in de supermarkt en de koe zit vaak een hele keten van bedrijven. Elk van die bedrijven rijgt een schakel aan het eindproduct, soms onzichtbaar voor de koper. Waarom zou ’zo’n ‘onzichtbaar’ bedrijf zijn best doen om het eindproduct duurzaam te maken? “Heel eenvoudig: de bedrijven die de producten verkopen, vragen aan ons: wat is jullie bijdrage? Dat zijn grote afnemers, die willen verduurzamen en dat doen wij ook,” zegt Rudi van der Arend , programmamanager duurzaamheid van zo’n ‘tussenbedrijf’, namelijk  de melkpoederfabriek van FrieslandCampina in het Gelderse Borculo.

Zuivelketen

Moederbedrijf van de Borculo-fabriek is FrieslandCampina, dat vele zuivelproducten maakt van de melk van zijn leden: ruim elfduizend melkveebedrijven in Nederland. Bij die boeren, het begin van de keten, is relatief de meeste winst te boeken in de verlaging van de uitstoot van broeikasgassen. “Zie die maar eens op één lijn te krijgen,’’ licht woordvoerder Jan-Willem ter Avest van het moederbedrijf toe. Hij verwijst onder andere naar een extra keurmerk voor de koplopers onder de leden.

FrieslandCampina zit zo op verschillende manieren in de zuivelketens. Soms levert het zelf het eindproduct aan de supermarkt. Maar de fabriek in het Gelderse Borculo levert melkpoeder-ingrediënten aan bedrijven die er babymelk of poeders voor medicinale inhalers en pufjes van maken. Toch ontkomt ook dit ‘tussenbedrijf’ niet aan verduurzamen van de productie.

De aansluitingen van de ketels op de biogasleiding uit Groot-Zevert.

Warmte

Om melk terug te brengen tot een poeder is veel warmte nodig is. Die warmte komt van oudsher uit aardgas, dat wordt verbrand in ketels om stoom te maken. In vier jaar tijd heeft de fabriek in Borculo een forse omslag gemaakt naar warmte uit hernieuwbare bron. Het toeval hielp een handje. Van der Arend: “Vier jaar geleden moesten we een verwarmingsketel vervangen. Juist op dat moment kwam het bedrijf Empyro uit Hengelo langs, dat olie maakt uit houtsnippers. Dat was precies op het juiste moment, op de juiste plaats. Zij hadden een grote klant nodig om een fabriek te kunnen bouwen; wij wilden onze warmte verduurzamen. Wij durfden dat aan omdat pyrolyse-olie goed past bij onze expertise. Wij zijn wel gewend aan vloeistoffen. En dankzij een duobrander, geschikt voor olie of gas, konden we altijd nog terugvallen op aardgas.”
 

Biogasleiding

Vorig jaar zette de fabriek in Borculo de volgende stap. Van der Arend: “Bij Groot Zevert, acht kilometer van hier, vergisten ze koeienmest tot methaan, dus biogas. Daaraan leveren ook onze leden. En met onze eigen afvalstromen levert die vergisting nog net wat meer hoogwaardig gas op. Dat komt nu via een gloednieuwe leiding naar onze fabriek.”

De fabriek draait nu voor meer dan een derde op warmte uit duurzame bron. “Met extra besparingen en nieuwe procedés kan dat ongeveer de helft worden. Meer zit er helaas nog niet in, want de olie en het biogas kunnen we niet opslaan, en eigenlijk alleen gebruiken voor de basislast. Voor de pieken in ons productieproces gebruiken we voorlopig nog aardgas.”

Getrouwd

Het aardgas dat nu nog nodig is komt op de traditionele manier naar de fabriek, via een leiding en op contract tussen FrieslandCampina en het energiebedrijf. “In de twee bioprojecten is de relatie heel anders. Ik zeg graag dat we in dit geval ‘getrouwd’ zijn met onze leveranciers. We hebben een langjarige relatie en werken dus veel intensiever samen. Voordat je zoiets voor elkaar hebt ben je ook wel drie tot vijf jaar onderweg. Duurzaamheid is niet simpeler, maar deze ontwikkeling past precies in onze visie.”

Rudi van der Arend, programmamanager duurzaamheid van de poedermelkfabriek van FrieslandCampina in het Gelderse Borculo.

Enkele gegevens

  • FrieslandCampina: zuivelcoöperatie met in totaal 18.261 leden op 12.104 melkveebedrijven in Nederland, Duitsland en België, met vestigingen in binnen- en buitenland.
  • Vestiging Borculo: 350 werknemers, producent van melkpoeder.
  • Besparing pyrolyse-ketel: 10.000.000 m3 aardgas per jaar, 16.000 ton CO2.
  • Besparing biogasketel: 5.000.000 m3 aardgas per jaar, 8.000 ton CO2.
  • Beide systemen kwamen tot stand met behulp van SDE-subsidie.